NL / EN / DE
zoek
Facebook Twitter YouTube Flickr contact
14-9 2014 t/m 4-1 2015
Jan van Eyck, Rogier van der Weyden en de ontdekking van de wereld
 

Jan van Eyck, Rogier van der Weyden en de ontdekking van de wereld

In de 15de eeuw ontdekt de mens de wereld en zichzelf. Dat is de stelling die wordt verbeeld in Jan van Eyck, Rogier van der Weyden en de ontdekking van de wereld. In deze tentoonstelling gaan hedendaagse wetenschappers, historici, filosofen en publicisten op zoek naar aanwijzingen voor dit denkraam in de ruim veertig Vroegnederlandse schilderijen uit de collecties van het Koninklijk Museum Antwerpen en Rijksmuseum Twenthe.

Vroegnederlands

De schilderkunst van de 15de eeuw in Vlaanderen en omgeving heeft iets ongrijpbaars. Sinds 1902, toen er een grote overzichtstentoonstelling plaatsvond in Brugge, worden de schilders uit die tijd wel de Vlaamse primitieven genoemd, waarbij 'primitief' als 'vroeg' of 'eerst' begrepen moet worden. Hoewel tegenwoordig vaak de neutralere term 'Vroegnederlands' wordt gebruikt, rijst de vraag of we hier te maken hebben met een intensivering van de gotische stijl van de late middeleeuwen, of dat de Vroegnederlandse kunst de Noord-Europese incarnatie is van de renaissance die op hetzelfde moment in Italië opkomt?

De nieuwe tijd

In de ‘gotische' Vroegnederlandse schilderkunst van begin 15de eeuw voltrekt zich namelijk een bijzondere revolutie. De onderwerpen zijn nog bijna altijd diep-religieus, net als elders in Europa. Maar er is sprake van een ongekende intensivering van het realisme. Een realisme dat zijn wortels heeft in de gotische of internationale stijl van de voorgaande eeuw. Rogier van der Weyden, Jan van Eyck, Dieric Bouts en anderen proberen de wereld af te beelden zoals zij hem zien.

De ontdekking van de wereld

De 15de eeuw is een kantelmoment tussen hemel en aarde, tussen het mysterie en de 'onttovering' van de wereld. Het religieuze wereldbeeld waarin alles doordrongen was van goddelijke symboliek begon ruimte te bieden aan een naar de aarde gerichte blik. Aan het begin van de 15de eeuw initieert Hendrik de Zeevaarder, de broer van de Portugeze koning, ontdekkingsreizen die de aanzet geven voor het Portugeze wereldrijk. De wereld is nog plat. Maar aan het einde van de 15de eeuw ontdekt Columbus Amerika omdat hij denkt dat op een bol India ook westelijk te vinden moet zijn. Zelfs de geloofsbeleving van de Moderne Devotie onder leiding van Geert Grote legt de nadruk op de mens door vroomheid en een individuele geloofsbeleving.

Revolutie in de schilderkunst

Deze overgang naar het onderzoeken van de zichtbare wereld zien we ook terug in de schilderkunst van Rogier, zijn tijdgenoten en navolgers. Daarin staat niet meer uitsluitend de symbolische, religieuze betekenis van afgebeelde objecten centraal, maar ook de naturalistische weergave van de werkelijkheid. Via schaduwwerking en een vrije toepassing van het perspectief leggen ze een ongekend illusionisme aan de dag. Door het toenemende naturalisme en de veranderende geloofsbeleving krijgen Maria en Christus steeds meer menselijke trekken en worden realistischer weergegeven, zodat gelovigen zich makkelijker met hen kunnen identificeren en mee-lijden. Maar technische ontwikkelingen spelen ook een belangrijke rol bij de vervolmaking van het realisme. De ‘uitvinding' van de olieverf zorgde ervoor dat schilders hun voorstellingen in lagen konden opbouwen waardoor kleuren transparant werden en door elkaar heen konden schijnen. Via genuanceerde licht-donker verschillen waren ze een staat een meesterlijke stofuitdrukking te bereiken.

Tentoonstellingsconcept

In de tentoonstelling gaan hedendaagse wetenschappers, historici, filosofen en publicisten op zoek naar aanwijzingen van dat nieuwe denkraam in ruim veertig schilderijen uit de collecties van het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten te Antwerpen en van RMT. In korte essays zullen zij ingaan op ontwikkelingen in de 15de eeuw die van cruciaal belang zijn voor de ontwikkeling van hun eigen vakgebied.

De volgende wetenschappers en publicisten hebben hun medewerking aan de tentoonstelling toegezegd:

Jean Paul Van Bendegem, Hoogleraar Logica en Wetenschapsfilosofie, Vrije Universiteit Brussel
Inigo Bocken, Wetenschappelijk directeur Titus Brandsma Instituut
Antoine Bodar, Priester, kunsthistoricus en publicist
Mieke Boon, Hoogleraar Wetenschapsfilosofie, Universiteit Twente
Katharina Van Cauteren, Tentoonstellingscurator KMSKA en postdoc onderzoeker, Katholieke Universiteit Leuven
Paul Huvenne, Administrateur-Generaal KMSKA
Henk van Os, Universiteitshoogleraar Kunst en samenleving, Universiteit van Amsterdam Herman Pleij, Emeritus hoogleraar Historische Nederlandse Letterkunde
Jeroen Stumpel, Hoogleraar Iconologie en Kunsttheorie, Universiteit Utrecht
Peter Paul Verbeek, Hoogleraar Filosofie van Mens en Techniek, Universiteit Twente

Nu Verwacht
Jan van Eyck, Rogier van der Weyden en de ontdekking van de wereld
Alexander Roslin (1718-1793). Portrettist van de aristocratie
Vriendenreis naar Boedapest
Huis van Heek
Ars Nova: de Vlaamse Primitieven
Gevaar en schoonheid. William Turner en de traditie van het sublieme
Tentoonstellingsarchief