Rijksmuseum Twenthe - Het kunstmuseum van Enschede

Paula Modersohn-Becker: tussen Worpswede en Parijs

Tot en met 12 augustus 2018 - Samen met het Von der Heydt-Museum in Wuppertal organiseerde RMT een tentoonstelling over Paula Modersohn-Becker (1876-1907) en de internationale invloeden op haar werk. De tentoonstelling was in Enschede te zien van 8 april t/m 12 augustus 2018 en daarna in Wuppertal (9 september 2018 t/m 6 januari 2019).

Paula Modersohn-Becker (1876-1907), expressieve en ontroerende kunst van grote schoonheid, nu in Rijksmuseum Twenthe. Deze eigenzinnige vrouw vestigt zich eerst Worpswede, onder de rook van Bremen. Al snel vertrekt zij naar het bruisende Parijs om zich daar te verdiepen in de meest vooruitstrevende kunst van haar tijd.




Worpswede

In 1898 verhuist de jonge en ambitieuze kunstenares Paula Becker naar het kunstenaarsdorp Worpswede. In de laatste jaren van de 19de eeuw hebben verschillende kunstenaars zich daar gevestigd. Weg van de drukte van de grote stad, wijden zij zich aan het simpele en rustige boerenleven en het veenlandschap dat zij in en rond Worpswede vinden.


In Worpswede maakt Paula deel uit van de ‘familie’: een vriendenkring van kunstenaars die vaak samenkomt in het huis van Heinrich Vogeler. Ze volgt lessen van Fritz Mackensen en in 1901 trouwt ze met Otto Modersohn. Maar haar opvattingen over kunst wijken sterk af van die van de andere kunstenaars in het dorp. Voor Paula is de compositie – vorm, kleur en ruimte – in relatie tot haar persoonlijke beleving van het allergrootste belang. Om kennis op te doen van de meest recente kunst, en zich zo verder te ontwikkelen, besluit ze het roer om te gooien.


Tussen Worpswede en Parijs

Op 31 december 1899 stapt Paula Modersohn-Becker in een trein naar Parijs. Ze verruilt op die laatste dag van de 19de eeuw het Noord-Duitse veenlandschap voor het centrum van de kunstwereld. In Parijs bezoekt zij het Louvre en verschillende kunsthandelaren en volgt ze lessen aan de Académie. Zo komt zij in aanraking met progressieve kunst van onder meer Paul Cézanne en Auguste Rodin. Het is haar eerste verblijf in Parijs: tussen 1900 en 1907 zal zij in totaal vier keer voor langere tijd in de Franse hoofdstad verblijven. Maar steeds keert zij terug naar Worpswede.




In Worpswede leeft Paula met haar echtgenoot Otto Modersohn maar in Parijs is zij alleen, volledig gericht op haar kunst. Het lijkt alsof ze niet kan kiezen. Is zij in Worpswede, dan denkt ze aan het roerige Parijs; is zij wat langer in Parijs, dan verlangt ze naar een rustiger gezinsleven en het veen van Worpswede. Hoewel Paula veel schildert, verkoopt ze gedurende haar leven slechts drie schilderijen. Otto blijft haar financieel steunen, ook wanneer zij zich in 1906 van hem los wil maken en meer dan een jaar alleen in Parijs doorbrengt. Toch komt het paar weer bij elkaar en keren zij samen terug naar Worpswede, waar ze een dochter krijgen. Maar dan slaat het noodlot toe: getroffen door een embolie sterft Paula, op 31-jarige leeftijd, in het kraambed.


Eigenzinnig

Door haar ervaringen in Parijs weet Paula de invloeden van haar geliefde Worpswede op geheel eigenzinnige wijze te verbinden met de kunst van de avant-garde in Parijs. Zo ontwikkelt ze zich, als voorloper van het expressionisme, tot de meest vooruitstrevende Duitse kunstenaar van haar tijd. Haar intrigerende verhaal wordt in de tentoonstelling Paula Modersohn-Becker: tussen Worpswede en Parijs verteld aan de hand van circa 50 schilderijen van Paula Modersohn-Becker en tijdgenoten uit Worpswede en Parijs. Een belangrijk deel van de getoonde werken komt uit de verzameling van het Von der Heydt-Museum in Wuppertal.


Catalogus

Bij de tentoonstelling is een rijk geïllustreerde catalogus verschenen met essays van Verena Borgmann (Kunsthalle Bremen), Beate Eickhoff (Von der Heydt-Museum), Paul Knolle en Thijs de Raedt (Rijksmuseum Twenthe). Dit boek is verkrijgbaar in de museumwinkel (Uitgeverij Waanders & de Kunst, Zwolle - €19,95).