Rijksmuseum Twenthe - Het kunstmuseum van Enschede

Karin Arink – Controle en loslaten

De beelden van Karin Arink zijn één en al lijf. Het zijn lichamen zonder hoofd of gezicht, meestal gemaakt van klei, gips of textiel. En toch zijn ze begeesterd; ze geven uitdrukking aan een innerlijk leven. Alsof de lichaamstaal de diepste verlangens en passies van deze wezens onthult. De spanning en de kramp in haar werk recht/tense zijn onmiddellijk voelbaar, ook zonder de titel te kennen.

Arink plaatste haar werk nabij het iconische Meisje in witte kimono van Breitner uit de RMT-collectie. Een schilderij met een losse toets, van een meisje dat ontspannen op een bank hangt. De kramp van de controle staat tegenover de ontspanning van het laten gaan. Er is ook vertwijfeling, zoals Arinks beeld revolving in the sheath of (im)possibilities laat zien. Een lichaam als een instabiele stapeling van rondtollende ledematen. Het vormt een mooi contrast met het beeld Carving #4 van Adam Colton, die vaak op metingen gebaseerde structuren als uitgangspunt voor zijn werk neemt.


Voor Karin Arink is het lichaam, of specifieker háár lichaam, de ingang tot een ander. Het verlangen naar verbinding met die ander loopt als een rode draad door haar oeuvre. Net als bij L.A. Raeven zou je dit kunnen zien als een verlangen naar compleetheid, naar de oorspronkelijke toestand van eenheid die we zijn kwijtgeraakt toen we aan het leven begonnen. De versmelting met de ander is veilig en warm, maar kan onmogelijk voor altijd blijven voortduren, zoals Arinks tekstwerk jij en ik laat zien. En waar is het punt waarop je jezelf verliest?


Het is een thema dat terugkomt in de video Instruction.Sculptor.Sculpture die Arink in samenwerking met Renée Kool maakte. Arink is opgesloten in een lichaamsgroot volume van textiel en instrueert Kool hoe zij het volume moet modelleren. Ze zijn elkaars verlengstuk, ze moeten zich aan elkaar overgeven. Maar hun mogelijkheden om elkaar te begrijpen zijn beperkt. Kool mag Arink niks vragen, Arink kan allen fysiek ervaren wat Kool doet. De thematiek van controle en loslaten beperkt zich overigens niet alleen tot dit werk, maar is tekenend voor hun samenwerking als kunstenaars.


Deze beschouwen ze als een tijdelijke coalitie, waarbij beiden worden geprikkeld om uit hun eigen medium te treden. Karin Arink zei ooit: ‘Ik besta door me te verbinden met vele anderen: in een open manier van zijn. Ik word zichtbaar daar, waar jij mij aanraakt.’