Rijksmuseum Twenthe - Het kunstmuseum van Enschede

Archief 2018                          Het ontstaan van een glasgewrocht

Al het glas in de tentoonstelling 'Bernard Heesen en de waanzin van de 19de eeuw' maakte Heesen speciaal voor dit project. In een uitzonderlijk korte periode van slechts drie maanden wist hij samen met zijn team van glasblazers meer dan honderd objecten te creëren in glasblazerij De Oude Horn in Acquoy.

Maakproces

Alle objecten in de tentoonstelling zijn gebaseerd op prenten van kannen, vazen en arabesken uit 19de-eeuwse encyclopedieën en catalogi. In het beeldverslag hieronder ziet u hoe de 'glasgewrochten' van Heesen tot stand komen.


Bent u geïnteresseerd in het verwerven van werk van Heesen? Informeer in het museumwinkel naar de mogelijkheden. 


Links een 19de-eeuwse prent van een kandelaar en rechts Heesens interpretatie van de prent. De afbeeldingen vormen het praktische vertrekpunt bij het creëren van de glasobjecten. Daarbij gaat het niet zozeer om het nabootsen 'an sich'; het nablazen is eerder een strategie om tot vormen en voorwerpen te komen die hij zelf nooit had kunnen verzinnen.

 

Bernard en zijn assistenten bestuderen een kopie van de prent voordat ze beginnen. 


Verschillende losse onderdelen van de kandelaar worden gemaakt en aan elkaar 'geplakt'. Soms lijkt het proces meer op boetseren dan op blazen. 


De ornament-figuurtjes voor de zijkanten en bovenkant zijn al geblazen en worden warm gehouden in een soort oventje. 


De ornamenten worden bevestigd aan het middenstuk. Tijdens het blazen zoekt Heesen de grenzen van de ornamentiek en lelijkheid op. Hij creëert glas ‘zoals je het zou willen tegenkomen in paleizen en op rommelmarkten, glimmend en overdadig gedecoreerd’.


De kandelaar wordt op de tafel gelegd zodat Bernard de laatste aanpassingen kan doen. Het hele proces vergt concentratie, kracht, snelheid en vloeiende samenwerking tussen Bernard en de blazers. Dat alles tussen de hitte van de ovens maakt het blazen van een dergelijke kandelaar tot topsport.