Rijksmuseum Twenthe - Het kunstmuseum van Enschede

Over RMT en de verbeeldingskracht

Toespraak van directeur Arnoud Odding bij de opening van de tentoonstelling Jan van Eyck, Rogier van der Weyden en de ontdekking van de wereld op 7 september.

Mevrouw de minister, meneer de minister, meneer de burgemeester, meneer de wethouder, bestuurders van deze stad en deze regio, vertegenwoordigers van de Vlaamse gemeenschap, directie en medewerkers van het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen én Museum Boerhaave, Paul Huvenne, Greet Vinck, vrienden, allemaal heel hartelijk welkom bij de opening van de tentoonstelling Jan van Eyck, Rogier van der Weyden en de ontdekking van de wereld.


Toen ik een jaar of 17, 18 was kwam ik met enige regelmaat in dit museum. Als je binnenkwam moest je naar links en daar vond je gelijk mijn meest favoriete werken uit de collectie: in een klein kabinet hingen circa vijftien prachtige portretten en religieuze voorstellingen uit de 15e en 16e eeuw. Toen is mijn liefde voor die periode gevormd. In de volgende zalen herinner ik mij hoog aan de muren enorme dierschilderijen. Tijgers, olifanten, leeuwen. Ze staan in mijn geheugen gegrift. Volgend jaar laten we ze allemaal weer zien.

Maar over die dierschilderijen gaat het niet vandaag. Vandaag gaat het erover hoe trots we zijn dat veel van die zogenoemde ‘primitieve’ schilderijen nu in gezelschap hangen van een selectie indrukwekkende werken uit Antwerpen.

De ontdekking van de wereld is een droom van een tentoonstelling. In onze samenwerking met het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten is dit het derde en laatste deel van een drieluik dat we zo’n tien maanden geleden begonnen met Permeke en de Vlaamse expressionisten en dat in april een vervolg kreeg met Rubens, Van Dijck, Jordaens en de Vlaamse Barok en nu dan de ontdekking van de wereld.


Dat Rijksmuseum Twenthe u deze prachtige serie tentoonstellingen kan laten zien danken we in de eerste plaats aan één persoon en dat is Paul Huvenne, de vorige maand teruggetreden administrateur-generaal van het Koninklijk Museum.

We zijn van ver gekomen sinds een nieuwe minister op 10 december 2012 persoonlijk poolshoogte kwam nemen in dit museum. Een week later stelde zij in de Tweede Kamer voor om Rijksmuseum Twenthe te redden. Want zo kun je dat echt wel noemen. Waarschijnlijk zal mevrouw Bussemaker zeggen dat het een besluit van de Tweede Kamer was, en die zijn we hier in Twente natuurlijk ook dankbaar, maar het was uw initiatief.


U zag in hoe belangrijk Rijksmuseum Twenthe kan zijn voor een landsdeel dat niet erg rijk is bedeeld met dit soort instellingen. De hoop die u toen uitsprak was dat Rijksmuseum Twenthe zich nog beter zou verbinden met de regio en de regio met het museum. Mevrouw Bussemaker, ik kan u zeggen dat dat steeds beter aan het lukken is. Rijksmuseum Twenthe is uit de gevarenzone.

Met een ambitieus tentoonstellingsprogramma hebben we een eerste stap gezet. Een belangrijke stap, maar nu moeten we verder. En daarover zijn we in gesprek met vele partners. In de eerste plaats met de gemeente, met de provincie, met de AKI, met Saxion, Universiteit Twente, met culturele partners in Roombeek en met vele anderen.


Voor ons telt de vraag hoe Ons Rijksmuseum een rol kan spelen bij het stimuleren van de economie, hoe het zich kan verbinden met het bedrijfsleven en hoe het een zodanige bijdrage kan leveren dat iedereen mee kan doen. En daarbij denken we ook aan de ruim 18 procent werkelozen die Enschede telt. Het zal weinigen verbazen dat een kunstmuseum aanknopingspunten zoekt bij de creativiteit en de menselijke verbeeldingskracht. Verwondering, creativiteit, menselijke verbeeldingskracht, daar gaan musea over.


Mevouw Bussemaker, onlangs hoorde ik u spreken bij de opening van het academisch jaar van Universiteit Twente. U sprak daar over de kansen voor juist deze regio op het vlak van technologie, ondernemerschap en creativiteit.


Uw woorden waren mij uit het hart gegrepen, en ik moest denken aan een zinnetje dat ik niet zo lang geleden las op een website: Technology is nothing without Poetry. Een beknopte samenvatting van het belang van menselijke verbeeldingskracht.In dezelfde bijeenkomst sprak de bestuursvoorzitter van de universiteit, Victor van der Chijs, de ambitie uit om ‘competent rebels’ op te leiden. Stel u voor, een universiteit die rebellen wil opleiden. De wereld verandert razendsnel en ingrijpend.


Victor van der Chijs en u hebben een lans gebroken voor de creatieve economie. Het museum vindt u aan uw zijde want het is niet meer dan een hardnekkig misverstand om te denken dat musea over het verleden gaan. Nee, ze gaan over het heden en over de toekomst. Vanuit die overtuiging werkt Rijksmuseum Twenthe ook aan de eigen toekomst.

blog comments powered by Disqus
doorArnoud Odding datum19.04.2017